Waar een klein dorp groot in kan zijn! Opnieuw was de Essenburcht in Kootwijkerbroek de plek waar boeren, beleidsmakers, adviseurs én een grote groep jongeren samenkwamen om zich te verdiepen in een mooie boerentoekomst. In een rap tempo kwamen lopende initiatieven, mooie plannen en ambities voorbij. Het voorjaar staat voor de deur; de agrarische sector in Regio Foodvalley is klaar om aan de slag te gaan!
AJK-voorzitter Bert van de Stroet trapt de middag af met een knipoog naar politicus Geert Wilders: ‘Willen we meer of minder boeren in de Gelderse Vallei?’ vraagt hij het publiek. Het antwoord laat zich raden. Bert geeft aan dat juist voor jonge boeren een middag als deze van belang is: ‘Daardoor ontmoeten we niet alleen elkaar, maar ook bedrijven, vertegenwoordigers vanuit de politiek en anderen.’ Mooi dus dat er een grote groep studenten van Aeres MBO aanwezig is.
Duidelijkheid
Zo’n ‘ander’, waarnaar Bert verwijst, is adviseur Steven van Westreenen. Hij denkt mee binnen het Landbouwnetwerk-deelthema Ruimte om te ondernemen. Van Westreenen en collega’s komen bij veel boeren op het erf en horen uit de eerste hand waar zij tegenaan lopen. Samengevat is dat: onduidelijkheid en zwalkend beleid, en dat al jarenlang. Van Westreenen: ‘We hebben duidelijke kaders nodig, ontwikkelruimte en perspectief voor de lange termijn.’
Plannen
Melkveehouder Gert van Middendorp staat naast Van Westreenen op het podium en vertelt dat hij zelf op zoek ging naar perspectief: ‘Misschien moeten we niet verwachten dat de overheid met plannen komt. Misschien moeten we het ook niet willen, want dan gaan ze op onze stoel zitten. Maar de overheid lijkt wel te willen samenwerken met boeren, en wij boeren hebben allang allerlei ideeën.’
Leerzaam
Gert op de vraag of het samenwerken goed ging: ‘We hadden er wel iets meer van verwacht, maar overheden kunnen niet buiten hun eigen juridische kaders handelen. Dat was lastig, maar we weten nu wel in welke hoek vergunningverlening mogelijk zou kunnen worden.’ Zo’n traject om te onderzoeken wat je kunt op je bestaande plek temidden van alle eisen die op je afkomen, is geen kleinigheid, weet Gert: ‘Zorg alsjeblieft voor ruggensteun voor boeren die dit aangaan. Het is een doodeng proces; je stort je in veel onzekerheden. Tegelijkertijd is het leerzaam en je wilt toch ondernemen op de plek die bij je past. Dus juist voor jonge ondernemers is dit belangrijk.’
Stikstofstripper
Die jonge ondernemers en hun voorgangers staan centraal in het thema De boer als ondernemer. Op het podium staan naast Gerdien Kleijer: Jan van den Berg, Rieks Smook en Sjaak Vels. Jan is melkveehouder in Barneveld en vertelt: ‘Wij zijn behoorlijk intensief en moesten veel mest afvoeren. Ik kwam Herre Bartlema tegen, deskundige op het vlak van precisiebemesting, en we maakten een plan dat in september ’25 groen licht kreeg. Inmiddels zijn we met een groep van twaalf boeren. We hebben mestmonsters laten nemen en er komt een stikstofstripper onze kant op. Mest die we anders afvoeren, halen we door de machine heen die de ammoniakale stikstof eruit haalt. Het residu gaat in een vat (Renure) en kunnen we gebruiken op het land. Zo vergeten we het land niet, in alle aandacht voor emissies, en besparen we geld doordat we minder hoeven af te voeren.’
Grassa
Rieks Smook is verbonden aan Grassa en vertelt over de voordelen van het geperste gras van Grassa: ‘Geperst gras voeren is een pur sang voermaatregel doordat je minder eiwit in je rantsoen aanbiedt. Het eiwit dat uit het gras wordt gehaald, is perfect voor eenmagigen (honden, katten, mensen) terwijl we door het gras te persen, een krachtig ruwvoer maken voor herkauwers, met onder andere als resultaat ongeveer 20 kuub minder mestafzet per ha. Via de Kringloopwijzer kunnen we geborgd aan de gang.’ Grassa werkt aan een pilot in Barneveld, zo geeft Rieks aan. Klik voor meer informatie over Grassa op de link onderaan dit artikel.
Gelijkwaardigheid
Na Rieks is het woord aan melkveehouder Sjaak Vels, betrokken bij Doelsturing Melkveehouderij Gelderland. De betrokken boeren werken aan KPI’s (Kritieke Prestatie Indicatoren; variabelen waaraan je kunt aflezen of een onderneming op koers ligt ten opzichte van de gestelde doelen, red.) middels het Markemodel. Boeren mogen per gebied aangeven welke KPI’s passend zijn en overleggen met overheden op basis van gelijkwaardigheid. Sjaak maakt deel uit van de Markeraad: ‘We stellen vragen als: ‘Is dit idee realistisch en haalbaar?’ We stellen samen doelen vast en als we ze halen, wordt dat beloond.’
Beloning
Sjaak vroeg zich aanvankelijk af of deze aanpak werkt, maar: ‘Als je ziet hoe Utrecht het UPLG uitrolt, ben ik blij dat deze structuur staat. Samen kom je verder dan wanneer je een pakket maatregelen op een sector legt.’ Gerdien Kleijer (gemeente Ede) vult aan: ‘Dit is heel tof en laat zien dat boeren graag willen. Geld is daarbij niet het enige dat ze nodig hebben, toegang tot grond, een vergunning, beleidsruimte, enz. is net zo van belang.’
Pasmelder 2.0
Geknik in de zaal, maar evenzo de nodige scepsis: ‘Wij willen van alles, maar hoe groot is de kans dat we écht wat voor elkaar krijgen bij de overheden?’ Gerdien begrijpt de vraag en antwoordt: ‘We hebben aardig korte lijnen met Den Haag en in onze regio hebben we nog bestuurders met hart voor de agrarische sector. Maar het gaat langzaam. Veel mensen vinden het spannend om regels los te laten; je wilt geen ‘pasmelder 2.0 situaties’. Maar door pilots te draaien, dingen uit te proberen, laten we zien wat kan. Dat is de kracht van vandaag en de hoop richting de toekomst.’
Dit is deel 1 van het verslag van deze middag. In deel 2 lees je over innovaties op het gebied van emissiereductie, de meetnetwerken en het thema Verbindend ondernemen.
Klik hier voor meer informatie:
Home – Landbouwnetwerk Regiofoodvalley
Adviesbureau voor de Agrarische sector en Food & Industries
GRASSA – Building a greener, more resilient food system
Doelsturing Melkveehouderij Gelderland – VALA
Tekst: Carola van Ruiswijk
Foto’s: Carola van Ruiswijk


